Uw kind van zeven jaar leren kennen
Lichamelijke activiteit
Door zijn lichamelijke activiteit kan de grove motoriek van het kind worden ontwikkeld, omdat hij zijn lichaam beter coördineert. Kinderen van deze leeftijd vertonen cirkelbewegingen die de “sint-vitusdans” worden genoemd.
Affectie en seksualiteit
Een kind van zeven jaar laat zijn lichaam niet zien aan kinderen van het andere geslacht.
Hij ziet dat zijn moeder zwanger is en vraagt haar over de zwangerschap: “Mama, wat zit er in jouw buik?” Hij wordt nieuwsgierig en reageert verrast als hij de baby voelt bewegen in de buik van de moeder. Hij wil weten hoe groot de baby is, hoe hij zich voedt, of de moeder ziek zal worden en hoelang het duurt tot de baby geboren wordt. Een kind van zeven begrijpt niet precies of de baby al vorm heeft gekregen, maar hij is ermee tevreden als hij leert dat een zaadje van de vader en een eitje van de moeder bij elkaar zijn gekomen om de baby te verwekken.
Hij weet vaag de details van de bevalling en gelooft dat er een snee in de buik van de moeder gemaakt moet worden om de baby uit haar buik te halen. Hij denkt dat de buik de uitgang is, maar accepteert gemakkelijk de bewering dat het kindje tussen de benen van de moeder naar buiten komt. Hij vraagt zich echter af of dit gebeurt terwijl de moeder nog in bed ligt.
In huiselijke kring
Een kind van deze leeftijd aanvaardt een aantal huishoudelijke verantwoordelijkheden, zoals het legen van de prullenmand, grasmaaien, bedden opmaken, het opruimen van zijn kamer of helpen tafeldekken.
Zijn moeder beschrijft hem als een kind dat al vaker beleefd en begripvol kan zijn, en in staat tot echte genegenheid. Hij heeft een goede relatie met zijn vader en hij verheugt zich erop leuke activiteiten met hem te doen.
Hij is meestal lief voor zijn jongere broertjes en zusjes. Als één van hen een baby is, wil hij die in z’n armen dragen, de fles geven of voortduwen in de wandelwagen.
Bij een minder groot leeftijdsverschil speelt hij met zijn broertje of zusje, waar hij op past en dat hij beschermt tegen ruzies en vechtpartijtjes. Een kind van zeven kan zijn grotere broer of zus bewonderen en is heel vaak aan diens invloed onderworpen.
Sociale verhoudingen
Hij speelt betrekkelijk makkelijk met andere kinderen, maar soms kan hij lange tijd alleen spelen, waarin hij in zijn eentje een bal tegen de muur gooit of een computerspelletje doet, of alleen televisie kijkt. Hij heeft een grotere neiging vreemde mensen te leren kennen, die hij beleefd kan groeten. Hij vindt het leuk naar de gesprekken van de volwassenen te luisteren zonder zich met het gespreksthema te bemoeien.
Ontwikkeling van de intelligentie
De intelligentie ontwikkelt de capaciteit en het gebruik van strategieën die hem op korte termijn in de gelegenheid stellen een externe hulp te vormen om zijn kennis beter te begrijpen. De intelligentie wordt gebruikt om te zoeken naar de oplossing van problemen in het echte leven die hij zelf bedenkt. Hij kan een boek lezen met een concrete bedoeling, namelijk om antwoorden te vinden of om zijn kennis uit te breiden. Na het lezen besluit hij zelf of zijn twijfels zijn weggenomen en of zijn voorkennis van dingen verder moet worden onderzocht.
Schoolleven
Wanneer hij hardop leest, herkent hij bekende woorden nauwkeurig en snel. Hij stopt niet aan het eind van een zin of alinea, hoewel hij de neiging heeft enkele zinnen te herhalen. Hij wil weten tot waar hij moet lezen, of hoeveel pagina’s een boek heeft. Naarmate het lezen automatischer gaat, zal de betekenis voor hem natuurlijker zijn.
Hij vindt mondeling rekenen geweldig. Hij schrijft één of twee getallen in spiegelbeeld (2, 6, 7 of 9). Hij vindt het heerlijk om verschillende cijfers heel vaak te schrijven op een hele pagina. Het overgaan van optellen naar aftrekken verwart hem.
Bijbrengen van waarden: solidariteit
Een samoeraimeester wandelde door het bos met zijn trouwe discipel, toen hij in de verte een armoedig uitziende plek zag. Hij besloot een kort bezoek aan deze plek te brengen. Toen zij daar aankwamen, bleken de bouwwerken en de bewoners inderdaad arm te zijn. Er waren was een eenvoudig houten huis, waar een gezin met drie kinderen woonde. Ze droegen vieze, gescheurde kleren en hadden geen schoenen.
Ze vroegen aan de vader van het gezin: “Op deze plek kun je niet werken of handelvoeren. Wat doen u en uw gezin om hier te overleven?” Die man antwoordde kalm: “We hebben een kleine koe die ons elke dag een paar liter melk geeft. Een deel verkopen we of ruilen we voor andere producten in de naburige stad, en van de rest maken we kaas, kwark, etc. voor ons eigen gebruik. Zo houden we het hoofd boven water.”
De wijze bedankte voor de informatie, sloeg de plek nog een keer gade, nam vervolgens afscheid en ging weg. Ze vervolgden hun weg en kort daarna draaide hij zich om naar zijn discipel en zei: “Zoek die kleine koe, neem hem mee naar dat gat en duw haar het diepe ravijn in.” De jongeman schrok hevig en betwistte het ontvangen bevel, want de kleine koe was het enige middel waarmee dat arme gezin in hun levensonderhoud kon voorzien. Maar vanwege de absolute stilte van zijn baas maakte hij uiteindelijk aanstalten om het bevel uit te voeren. Hij duwde de kleine koe de afgrond in en zag haar sterven.
Die scene bleef jaren in zijn geheugen gegrift.
Op een goede dag besloot de jongeman, gebukt onder schuldgevoel, terug te keren naar die plek en alles aan dat ongelukkige gezin te vertellen, hen vergeving te vragen en ze zoveel als hij kon te helpen. Naarmate hij dichterbij de plek kwam, zag hij dat alles heel mooi was. Er waren bomen, plantages, landbouwvoertuigen, een groot huis en een paar kinderen die in de tuin speelden. De jongeman werd verdrietig bij het idee dat dat arme gezin hun grond zou hebben moeten verkopen om te overleven. Hij versnelde zijn pas en kwam aan bij de plek waar hij de vorige keer had gestaan. De jongeman vroeg naar het gezin dat daar zo’n vier jaar terug woonde en een man antwoordde hem dat ze daar nog steeds waren. Hij ging rennend het huis binnen en zag dat het hetzelfde gezin was als dat hij een paar jaren terug met zijn baas had bezocht. Hij prees alles wat hij zag en vroeg aan degene die eigenaar van de kleine koe moest zijn geweest: “Hoe zijn jullie erin geslaagd deze plek te verbeteren en jullie leven te veranderen?” Die man antwoordde: “Wij hadden een kleine koe die in de afgrond viel en stierf. Vanaf toen zagen we ons genoodzaakt andere dingen te doen en andere vaardigheden te ontwikkelen waarvan we niet wisten dat we die hadden. Zo hebben we het succes bereikt dat uw ogen nu kunnen gadeslaan.”
In onze levens hebben we allemaal een kleine koe die ons iets geeft dat we als onmisbaar beschouwen, maar dat ons in werkelijkheid tot routine leidt, ons afhankelijk maakt en onze wereld verkleint tot dat wat ons wordt aangeboden.